Luctor et Emergo

Rijkevoort

Ronde stenen stellingmolen

  • Molenaars: Mari Goossens (0485-573815),Paul Verheijen en Petro Boon
  • Adres: Kapelstraat 31, 5447 AA Rijkevoort
  • Open: za 13.00-17.00u en di 13.00-16.00u
  • Meer informatie over deze molen vind je in de molendatabase

 

In 1900 vroeg Hermanus Verbruggen, een telg uit de molenaarsfamilie Verbruggen uit Sint-Hubert, toestemming om in Rijkevoort aan de Brink een motormaalderij op te richten. Deze werd uitgerust met twee koppel maalstenen en een houtzagerij. In het volgende jaar bouwde Hermanus achter de maalderij een ronde stenen stellingkorenmolen met drie koppel stenen. Bij de bouw maakte hij gebruik van onderdelen van een houtzaagmolen. 

Thans wordt verondersteld dat het gaat om de in 1872 gesloopte molen De Rietvink te Zwijndrecht, die in 1874 werd herbouwd te Klein-Tongelre (Eindhoven) en rond 1900 alweer werd gesloopt. 

Maar ja: in de tijdbalk zitten echter enige niet zo logische aspecten dus of dit echt klopt....... 

 

Hoe dan ook: in de huidige molen is zeer veel hergebruikt materiaal te vinden: zo zijn zeven achtkantstijlen, twee losse bintbalken uit een krukgebint, twee vaste bintbalken uit het kapgebint en zeer vele kruizen en regels nu nog in gebruik als zolder- en/of vloerbalken. Op de steenzolder doet een stuk tussentafelement dienst als ondersteuning voor de koningspil, terwijl enkele tafelementstukken zijn verwerkt in de oude vloer van deze zolder. Ook is de plaats van de twee verwijderde koppels nog steeds terug te vinden.

De kap van de molen is in zijn geheel afkomstig uit het westen. Slechts de achterkeuvelensbalk, met de inkepingen voor de stijltjes naast de vangstok, is vervangen en ligt op de graanzolder. De kap is in zijn geheel bij de bouw iets vergroot - waarschijnlijk omdat men in Rijkevoort een grotere vlucht en dus meer vangkracht nodig had - waardoor veel verbindingen provisorisch zijn aangebracht.

 

In 1908 bouwde Jan Verbruggen ten noordwesten van de molen een molenaarshuis. In 1912 bouwde zijn halfbroer Willem, die inmiddels de molen had overgenomen, een molenaarshuis op het oosten in Jugendstil (Willem Verbruggen was het enige kind uit het tweede huwelijk van Hermanus). Twee jaar later bouwde de familie Verbruggen aan de overzijde van de Brink een nieuw gedeelte aan de bakkerij, annex café en winkel, in dezelfde stijl als het molenaarshuis uit 1912. De drie gebouwen zijn nog altijd aanwezig en eigendom van de familie. Het gebouw is inwendig nog geheel in zestiger jaren-stijl.

Tragisch was, dat in 1916 een nichtje van molenaar Willem Verbruggen door een klap van de molen dodelijk werd getroffen. 

 

Waarschijnlijk in de twintiger jaren zijn de schilderingen aangebracht op de het gaande werk op de steenzolder. De symboliek van de grote Brabantse vlag op de koningspil en de kleine Nederlandse vlag op de steenspil kan alleen in Brabant zijn aangebracht. Buiten deze schilderingen is de koningspil echter al een toonbeeld van vakmanschap. Met zijn vele overgangen van vierkant naar rond of naar achtkantig toont hij het kapitaal dat bij de bouw uitgegeven mocht worden. 

 

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de Maas de gehele winter van 44/45 een frontrivier. In de buurt van Rijkevoort stond Britse artillerie opgesteld. Vele militairen van de Royal Artillery hebben hun namen, woonplaats en een kerstwens geschreven in de blokjes van de Brabantse vlag op de koningspil.

 

Na 1945 veranderde er veel: in de jaren '50 werd het maalderijgebouw afgebroken en vervangen door een groter gebouw tussen molen en de (uit 1912 daterende) molenaarswoning. Ook werden twee steenkoppels verwijderd om meer ruimte te krijgen.

 

In 1972 voerde molenmaker Beijk uit Afferden een restauratie uit. Het betrof hier vooral de buitenzijde. Zo verdwenen de stroomlijnneuzen en werd een oude Potroede vervangen. De molen is dan ook de trotse bezitter van drie fabrikaten roeden: Pot, Derckx en Fransen, die laatste inmiddels als lange spruit.

 

In 1989 werd de molen weer gerestaureerd. De gemeente Wanroij, die de molen in 1986 kocht van de weduwe Verbruggen, liet hem restaureren, wederom door Beijk uit Afferden. Zo werden kruivloer en vang gedeeltelijk vernieuwd; uitwendig het kapbeschot, de stelling en de ophekking. 

 

In juli 2014 is de molen stilgezet. Er zijn problemen met het metselwerk, waardoor balkkoppen in de muren door vocht zijn aangetast; ook is het houtwerk van het wiekenkruis niet best meer.